Den 30 juli* werd zaterdagavond de mobilisatie in ons land aangekondigd bij middel van het stormgelui der klokken in alle kerken der steden en dorpen. In Antwerpen begon Carolus de grote klok van de Onze Lieve vrouw kerk te luiden rond 9 uur van de avond, hier in Borgerhout rond 1 uur van de nacht. Het gelui was akelig en vreemd in het midden van de nacht , ik lag wakker te bed en hoorde het met angst aan. Ik stond op en wilde mijne ouders wekken, doch daar zij rustig sliepen deed ik het niet. Dus ’s anderendaags was er van niets anders spreke als van het stormgelui en den aanbrekende oorlog . Ik reed ’s morgens vroeg met den tram naar Brasschaat, daar huurde ik een vélo en ging in Brecht mijn broeder Alfons bezoeken die zeer ziek was (hij leed aan longontsteking en was de dood nabij) tegen de avond reed ik weer naar huis dwars door den Polygoon (het schietveld der Artillerie) en verder naar Brasschaat waar ik het rijwiel aan de eigenaar weergaf na ontvangst van mijn horlogeketting die ik als onbekende tot pand had moeten geven. Toen ik thuiskwam zegden mijn ouders dat de Luitenant-kolonel, overste van de Burgerwacht gekomen was en dat ik ’s anderendaags gereed moest zijn om met mijne manschappen der Burgerwacht de bewakingsdienst van de gemeente Deurne te beginnen waar ik sedert 1907 Kapitein-Bevelhebber van de wacht was.

* Frans Jansen vergist zich, de mobilisatie van de troepen gebeurde op 31/7