Bij                                       gesneuveld

 

Mijn                                     , ‘k heb u zoo bemind

Bewonderd om uw gaven

En ‘k heb geweend gelijk een kind

Toen ik u heb begraven

‘k bezweek erbij, maar spijt de pijs

wilde ik tch, ik alleên

van allen de allerlaatste zijn

om van u lijk te scheên

wij leefden samen in ons stad