1e) Thielemans Constantia, geboren te Lier, 18 December 1895, wonende te Antwerpen, Lge Van Bloerstraat 133, werkvrouw, beticht van eerroof.

2e) Willems Theresia Antonia , geboren t/s 3 October 1891, er wonende Dambruggestraat 92, werkvrouw , beticht van beleedigingen.

Getuigen:

1e) Vermarriën Jan Baptist, geboren te Berchem 3 Juni 1873, wonende t/s Krte Van Bloerstraat 128, bakker.

2e) Borgers Frans, geboren te Antwerpen, 6 Juni 1888, wonende t/s, Handelstraat 28/1, ketelmaker.

3e) Van den Broeck Joanna, geboren te Noorderwijck, 6 November 1877, wonende Lge Van Bloerstraat 126, huisvrouw.

Ten jare 1915 den negenden November om 1110 ure ’s morgens.

Wij Mortelmans August, adjunkt commissaris enz., ontvangen van Willems Theresia geboren te Antwerpen, 30 Oktober 1891, er wonende Dambruggestraat 92, naaister, de volgende klacht:

Over eenige minuten, in de Lge Van Bloerstraat heeft zekere Maria, wonende Lange Van Bloerstraat 133 op het 1e verdiep geroepen op den openbaren weg: schandaal, klodder, gij loopt met de Duitschen, gij zijt, gij zijt de Duitschen te kussen in de boerenschuur, Jan Vermarriën, Lange Van Bloerstraat 128, ook eenen jongen die met den wagen om aardappelschillen rondrijd, die ik zal opzoeken, hebben dat gehoord, en kunnen getuigen. Ik verlang dat die Marie wegens eerroof vervolgd en gestraft worde volgens de wet.

Na voorlezing volhardt Willems Theresia, en teekent met ons.

(get) Theresia Willems                                                         (get) Aug; Mortelmans

Vermarriën Jan Baptist, geboren te Berchem, 3 Juni 1873, wonende te Antwerpen, Lange Van Bloerstraat 128, bakker, zegt:

Ik heb ruzie gehoord, maar heb niet verstaan wat er gezegd is. Ik was er op eenige afstand van daan.

Borgers Fran, geboren te Antwerpen, 6 Juni 1888, er wonende Handelstraat 28/1, ketelmaker, zijnde de 2e getuigen, onderhoord zegt:

De betichte riep, gij loopt met de Duitschers, en Willems antwoordde; laat gij de getrouwde venten met rust. De beticht Thielemans Constantia, gezegd Marie (ruimer op kant aangeduid) onderhoord verklaart:

De moeder van Willems kwam mij vragen eens te harent te komen, dat er iemand wachtte. Ik ging er, Willems Theresia Antonia, vroeg mij wat ik van haar te zeggen wist, zij begon mij te verwijten voor “rotte hoer”, crapuul, gij loopt met getrouwde venten. ‘ik heb haar niets verweten Madame Geens Lange Van Bloerstraat 126 moet dat gehoord hebben’.

Van den Broeck Joanna vrouw Geens, geboren te Noorderwijck, 6 November 1877, wonende te Antwerpen Lange Van Bloerstraat 126, huisvrouw zegt:

Ik heb ruzie gehoord mar heb niet verstaan wat er gezegd is.

Willems Theresia Antonia, opnieuw onderhoord zegt: Ik heb haar niets verweten.

De verklaringen werden gedaan in de vlaamsche taal. Van hetgeen voorgaat hebben wij tegenwoordig proces-verbaal opgesteld, om aan den heer Prokureur des Konings te Antwerpen verzonden te worden.

Waarvan akte t/s, gesloten, den 18 November 1915

(get) Aug. Mortelmans.