2e bureel
700#590 (1/2)
Voorwerp: Bevoorrading.- Brood en fijn gebak. Prijs en hoedanigheid.

Stad Antwerpen.
College van Burgemeester en Schepenen.
Zitting van vrijdag 26 januari 1917.
Beraadslaging – proces-verbaal

Woeker in eetwaren.- vleesch.- Bij toepassing van artikels 3, 4 en 5 van de verordening van 30 september 1916, op den woekerhandel, beslist het college als volgt:

1) Alle verkoop in ’t groot of half groot, buiten de markt van het slachthuis, wordt beschouwd als woekerhandel;

2) Al het vleesch in die voorwaarden verhandeld, zal aangeslagen worden en binnen het slachthuis, bij op- of afbod, openbaar verkocht worden;

3) De verkoop zal telkens plaats hebben met hoeveelheden van ten hoogste twee kilogram te gelijk, onder toezicht van het personeel van het slachthuis en van de politie der 10e wijk, bijzonder gelast met de beteugeling van den woekerhandel;

4) De Bestuurder van het slachthuis zal zorg dragen, dat de verkoopingen ten minste 24 uur op voorhand aan het publiek en aan de belanghebbenden bekend gemaakt worden.

5) Op dezelfde wijze zal gehandeld worden ten opzichte van alle koopwaren, die in de huizen in de stad, op den openbaren weg of elders zullen aangeslagen worden;

6) De opbrengst van den verkoop zal, tegen kwijting, overhandigd worden aan de belanghebbenden.

Bij verordening:
De Secretaris,