PV 236 – Onbekenden beticht met bedriegerijen op den aard der verkochte koopwaar.

Getuigen:

Van der Stuyf Jan Baptist Frans, geboren te Antwerpen den 1e Ooogst 1870, wonende te Antwzerpen Lge Nieuwstraat 140, winkelier.

Wordt in geen vorig P.V. behandeld. De feiten hebben plaats gehad over acht en over twee dagen.

Gezien en toegestuurd  aan den Heer Prokureur des Konings t/s

Antwerpen , den 18 Maart 1917

Ten jare 1917 den 15 Maart.

Wij Arriens Frans adjunkt commissaris van politie, 3e wijk, ontvangen van de genaamde Stuyf Jan baptist Frans (zie kant) de volgende klacht in de Vlaamsche taal:

In den loop van verleden week kwamen twee jonge mannen in mijn winkel en boden mij een flesch slaolie te koop, aan twee franken. Zij droeg het etiket Etablissement Calvé – Delft. Delft Hollande Huile Extra Delfix. Dit opschrift was in ’t rood gedrukt. Weinig daarna verkocht ik die flesch aan een ongekende voor vijftien franken. Dinsdag morgend dertien dezer, kwamen dezelfde twee terug in mijn winkel en boden drij fleschen van hetzelfde merk, doch ditmaal in gouddruk, aan 10 franken per flesch. Ik sloot verder dien koop. Heden daar de olie mij zoo vloeibaar scheen, deed ik eene der flesschen open, en bevond dat zij alleen gekleurd water inhield. Ik overhandig u deze flesch.

De twee andere waarvan de sluiting onaangeroerd bleef, zal ik u eveneens doen bezorgen. Ik ken de twee verkoopers niet; Den een hunner is gekleed met een zwarten overjas met kraag in astrakan. De tweede, iets kleiner, kan ik niet juist beschrijven. Beiden schijnen een twintig tal jaren oud. Ik zou ze desnoods herkennen. De ontstopte flesch werd ons door klager overhandigd. In zijne tegenwoordigheid sluiten wij haar met een lakzegel, gemerkt “Union”.

De twee ongekende verkoopers werden ter opsporing gesignaleerd. De twee ongeopende flesschen werden ons op 16 dezer, door klager, ten bureele gebracht.

De drij flesschen voornoemd, leggen wij ter griffie neder, volgens bijgaande staat.

Waarvan akte

(g) Arriens